Benchmark Dijkgraaf

De drinkwaterbedrijven onder aanvoering van Branchevereniging Vewin startten in 1997 een benchmark. Daarin vergelijken de drinkwaterbedrijven de onderlinge prestaties, op het gebied van milieu, waterkwaliteit, dienstverlening en financiën. Met die gegevens in de hand maakt de Vewin een prestatie-rangorde van de drinkwaterbedrijven. De filosofie die Vewin hierbij hanteert is dat op onderdelen minder presterende bedrijven leren van best-in-class-bedrijven door onderlinge kennisuitwisseling en door middel van sectorbrede workshops.

Exogene factoren
Oasen heeft herhaaldelijk aangegeven de huidige benchmark op vooral het onderdeel financiën onjuist te vinden. In de Vewin-benchmark worden cijfers van bedrijven vergeleken, zonder te corrigeren voor omgevingsfactoren die de kosten van een bedrijf beïnvloeden. Vooral in de drinkwatersector is deze invloed van omgevingsfactoren groot. De kwaliteit van de grondstof en de bodemgesteldheid, belangrijke beïnvloeders van kosten, verschillen sterk per regio. Door niet te corrigeren vergelijkt de benchmark appels met peren en geeft een prestatie-rangorde een vertekend beeld van de werkelijkheid. Omdat Oasen met oevergrondwater een verhoudingsgewijs dure grondstof heeft en onze kosten aan het leidingnet landelijk gezien hoog zijn vanwege de inklinkende veengrond in ons gebied komen we in de benchmark steevast als laatste uit de bus.

Dijkgraaf-methode
Om onszelf goed met andere bedrijven te kunnen vergelijken zijn we ingegaan op het voorstel van de heer Elbert Dijkgraaf van de Erasmus universiteit om ook in de watersector efficiency onderzoek te doen. De heer Dijkgraaf heeft een methodiek ontwikkeld waarmee hij de efficiencyprestaties van verschillende bedrijven binnen een sector goed met elkaar kan vergelijken. De gedachte achter de methode is dat bedrijven in een sector te maken hebben met verschillende omgevingsfactoren die effect hebben op de financiële prestaties van dat bedrijf. Omgevingsfactoren die bijvoorbeeld binnen de drinkwatersector gevolgen hebben voor de kosten van een bedrijf zijn bodemgesteldheid, regionaal belastingregime, kwaliteit van de grondstof en mate van verstedelijking binnen een voorzieningsgebied. Door te corrigeren voor die factoren kan een goede prestatievergelijking gemaakt worden. Met de hulp van deze methode is uit de financiële benchmark van de Vewin een goede prestatie-rangorde te maken van de waterbedrijven in Nederland.

- Lees het rapport 'Efficiëntieanalyse Oasen 2008' door Elbert Dijkgraaf
- Lees het rapport Analyse kosteneffect fusies drinkwatersector (Dijkgraaf en Varkevisser, 
 
  oktober 2007) waarin de vraag wordt gesteld of fusies ook echt tot lagere kosten leiden
- Lees de Vewin Benchmark 2006
- Lees het Accenture rapport over de Vewin benchmark 2006 (gedetailleerder over Oasen in de benchmark - niet-openbare gegevens van andere drinkwaterbedrijven zijn uit dit rapport verwijderd)
- Lees de Vewin Benchmark 2003
- Lees het Accenture rapport over de Vewin benchmark 2003 (gedetailleerder over Oasen, toen nog Hydron Zuid-Holland, in de benchmark - niet-openbare gegevens van andere drinkwaterbedrijven zijn uit dit rapport verwijderd)
- Lees de Vewin Benchmark 2000
- Lees de Vewin Benchmark 1997
- Lees het rapport 'Efficiëntieanalyse Oasen' door Elbert Dijkgraaf, over de resultaten van de
  benchmark (1997- 2004)
- Meer informatie en rapporten van Elbert Dijkgraaf vindt u op zijn website bij het ECRI (Erasmus
  Competition and Regulation Institute)

Nieuwsberichten
Zevende nummer van 'Helder' is uit - 21-12-2007
Oasen het efficiëntste bedrijf in 2005 - 19-02-2007
'Benchmark Dijkgraaf' - 29-03-2006







Watermeter

Hoeveel water levert pompstation Den Hoorn in piekuren aan Alphen en omgeving? Lees verder